Pak Chong, niet echt de place to be, meer een vieze platteland stad, maar wel de plaats waar je naar toe gaat met de bus als je naar NP Khao Yai wil. Wij willen dat, dus we komen na een busrit van 2,5 uur aan in Pak Chong. Ook daar is het weer even uitvogelen hoe we ons vervoeren. Een scooter huren lijkt hier niet echt de beste optie, gezien de drukke weg die door de stad loopt. Wellicht dat we met onze scooter ervaring van nu inmiddels het wel gedaan hadden, maar toen nog niet dus.

Ons verblijf ligt wel een aardig eindje uit de stad, dus we nemen een taxi. Er is een hele mooie grote tuin met bungalows, een waterrad in de rivier en ons huis ligt aan het water. En ik zeg huis, het is ook echt een huis, met zelf een bovenverdieping (!!) Dat is wel even een verademing in vergelijking met ons hokje in Bangkok.

Maar we hebben nog wel wat last van de afgelopen dagen dat we zo dicht op elkaar hebben gezeten. En dat merk je, we zijn allemaal wat vervelend tegen elkaar en hebben onze eigen ruimte nodig.

Ralf wil graag wat dingen voor z’n werk doen, terwijl ik me druk maak over wat we in Khao Yai gaan doen, hoe we dat gaan regelen en wat we voor Noah’s verjaardag moeten regelen. Allebei andere behoeftes die even botsen. En dat terwijl de kinderen het hele huis weer overhoop trekken… Gezelligheid alom dus 😉

De omgeving is wat wennen. Je pakt niet zo even een taxi ergens naar toe en er niet echt een gezellig stadje om iets te eten. Toch zijn er wel leuke, hippe eettentjes, maar die zitten allemaal aan de super drukke soort snelweg richting Khao Yai. De tuktuk van ons resort brengt je er voor een kleine vergoeding naar toe. Verder is het niet zo sfeervol. Wat wel mooi is om te zien is het platteland met de koeien , tractors en ‘boerderijen’. Wel een bijzondere combinatie met de jungle met olifanten en apen er vlak naast.

Uiteindelijk boeken we ’s avonds nog een tour naar NP Khao Yai voor de volgende dag, zodat we de dag er na de verjaardag van Noah kunnen vieren.

Khao Yai!

We worden ’s ochtends vroeg opgehaald en we zijn samen met een ander gezin met Lucas van 2,5. Uit Belgie en ze spreken Nederlands! Dat is dus erg leuk. Met Lucas en Noah en Olive klikt het ook erg goed, die hebben meteen de grootste lol. Dat belooft dus een leuke dag te worden…

En dat wordt het ook 🙂

Tina is onze gids. Ze is nogal enthousiast en weet het programma nog niet zo goed aan te passen op kinderen.

Ze is net als alle andere Thaise erg –iets te- beschermend en verzorgend naar de kinderen. Dat is wel iets wat totaal anders dan in Nederland of ieder geval hoe wij met onze kinderen omgaan. Wij laten Noah en Olive liever wat meer zelf ontdekken. Als ze kunnen spelen, dan laten we ze spelen met aanvaardbare risico’s. Maar hier nemen ze enkel risico. Bij elk afstapje of trappetje staan ze met de armen om –voornamelijk- Olive heen. Of als er eentje is gevallen dan willen ze die direct oppakken, terwijl 9 van de 10 ze gewoon zelf weer opstaan en doorrennen. En dan nog de snottebellen –waar ze lange tijd hier last van gehad hebben-. De Thaise mensen wijzen er na, niet om je er op te attenderen, maar om je te dwingen die snottebel direct schoon te maken. Terwijl ik denk dat doe ik zo wel weer als we bij de auto zijn waar zakdoekjes liggen.

Het is goed bedoeld, maar soms irriteert het me wel. Ik bepaal zelf graag hoe ik mijn kinderen opvoed en hoe ik met ze om ga. Dat doe ik ook wel, maar het voelt dan of het in het gedrang komt. Helemaal als ze echt aan Noah en Olive gaan zitten…

Het is verschil van cultuur en opvoeding, dat zie en ervaar ik nu. En dat is ook prima.

Enfin, Khao Yai heeft wilde olifanten dus het zou wel heel gaaf zijn als we ze zien. We rijden het park in richting de top. Het natuurgebied ligt vrij hoog dus het heeft wat aangenamere temperaturen dan we tot nu toe gewend zijn. Al snel maken we een stop, omdat er in de verte gibbons te zien zijn. Tof! Van die grote witte en zwarte slingerapen door de bomen, heel mooi om te zien ook al is het van ver. Tina heeft een grote verrekijker op een statief die ze voor ons klaar zet en dan is het beter te zien.

De kinderen vinden de steentjes en takjes langs de kant van de weg interessanter hahaha. Als ze door de verrekijker proberen te kijken bewegen ze die natuurlijk zodat er niks meer te zien is. Dat vindt Tina niet leuk 😉

Dan rijden we nietsvermoedend door, we zitten achterin wat te kletsen met onze zuiderburen en kijken hier en daar of we een aap zien. Ineens wordt de auto gestopt, we draaien om en rijden met een bloedgang de hele weg terug. Allright, er zal vast wat te zien zijn. Ze hebben contact met de andere gidsen en een er van heeft olifanten gezien. Cool! Er achter aan!

Wat er dan gebeurt...

We stappen uit en gaan met elkaar het bos in op zoek naar de olifanten. Samen met ons nog 2 andere groepen. We lopen wat door elkaar, maar zijn redelijk bij elkaar in de buurt. Elke keer moeten we stilstaan om te horen waar ze zijn. En je kan ze inderdaad horen. Je hoort bamboe breken. Tina tilt trouwens Noah op de rug, Ralf heeft Olive en Timo, de Belg, tilt hun zoontje. De kinderen moeten getild worden van Tina, vanwege de olifanten. We lijken wel een groep expeditieleden zo door het bos te struinen. Het is best spannend, we horen ze wel, maar we zien ze niet en weten niet waar ze precies zijn… We zijn wel dichtbij voor ons gevoel. En dan ineens… Er klinkt een luid getetter van een van de olifanten en de beesten zijn boos of geschrokken of wat dan ook. Maar Tina roept: ‘Run! Run! Go back!’ En wij met z’n allen beginnen als een malle door de jungle te rennen met de kinderen op de arm/rug. En ik roep met een trillende stem: ‘OMG Mijn kinderen!’. Hahaha, maar ik ben echt bang. De rest trouwens ook. Het is ook echt angstig, want we weten niet waar de olifanten zijn. Dan duikt Tina achter een heuveltje en duiken wij er allemaal naast. Hier zijn we veilig aldus Tina.

Dan wordt het weer rustig en stil en gaan we weer verder met onze zoektocht. De andere groepen lachen om ons want die hebben ons zien rennen… Tina hoort van de andere gidsen dat de olifanten naar de weg zijn gelopen, dus wij er achter aan. Maar er zit een andere groep voor ons en we kunnen er niet langs helaas. Ze zegt nog tegen ons: ‘When I say run, you run’, om ons weer voor te bereiden en ze zegt er achteraan ‘And don’t cry’. Ik denk dat ze het tegen mij heeft, haha.

Als we staan te wachten komt er nog wel een groep gibbons over ons heen geslingerd, dat is wel tof!

Maar goed, na een tijdje lopen we het bos weer uit. En we wachten nog een tijdje aan de rand van de weg om te kijken of er nog iets tevoorschijn komt. Er gebeurt niks, dus we staan allemaal wat te kletsen en ouwehoeren. En dan ineens roept er iemand: ‘Jaaa daar!’ We draaien ons om en we zien een vrij kleine olifant nog net de weg oversteken en de bossen in lopen. Ondertussen wijs ik en roep ik naar Noah zodat ie het ook kan zien. Het gaat zo snel, echt goed rustig hebben we het niet gezien. En daarna komt er niks meer…

Nou dat was dus onze olifanten ervaring. We hebben ze, op die ene na dan, niet gezien, maar wel gehoord en we hebben met het hart in de keel gerend voor ons leven –zo voelde het hahaha- voor die beesten.

De rest van Khao Yai

De rest van de dag rijden we rond naar mooie uitkijkpunten en maken we een wandeling van 4 km door de jungle. Noah heeft het hele stuk zelf gelopen, zo goed de kanjer, aan het einde is het hij helemaal kapot. Tina heeft nogal haast en snapt niet zo goed dat kinderen het leuk vinden om te spelen en andere dingen –stokjes, blaadjes, stenen- interessant vinden dan wij. En kinderen lopen nou eenmaal niet zo snel. Dus er zit niet zoveel vaart in en Tina ons maar aansporen 😉

We zien onderweg nog wel een mega krokodil. Dat is ook een grap. Overal staan borden om te waarschuwen dat we een krokodillen gebied betreden. Tina neemt het zelf ook heel serieus en waarschuwt ons meerdere malen. Goed opletten en goed op de kinderen letten. En ze vertelt er tussen neus en lippen door bij dat er slechts 1 krokodil in het gebied zit, dus dat we niet zeker zijn of we die zien.

Of we hebben heel erg geluk gehad dat we die ene toch gezien hebben of er zijn er stiekem toch meer dan 1… 😉

We zien nog zo’n gifgroene slang, heel veel apen ook van dichtbij wat erg leuk is voor de kinderen –Noah denkt dat je met ze kan spelen…, maar we moeten toch aardig boos worden om hem op afstand te houden-, een hornbill –soort toekan <3- en op het hoogste punt van het park zijn immens veel vlinders. Maar dan geen gewone, dit zijn echt hele bizarre vlinders. Zo heb ik ze nog nooit gezien. Met allerlei vreemde vormen en figuren. Klinkt misschien niet echt boeiend, maar ik was oprecht verbaasd. Check de foto’s maar.

Aan het eind van de dag zijn we allemaal redelijk kapot. De Belgen moeten naar de trein en wij zijn ook moe, dus we besluiten terug te gaan. We gaan niet nog een keer op zoek naar olifanten. Ben wel een beetje teleurgesteld dat ik ze niet gezien heb, maar dit was ook zeker een interessante ervaring haha. En we hebben Sri Lanka nog in het verschiet, waar ook zeker mogelijkheden zijn.

Op de terugweg besluiten we nog een andere tour te boeken voor de volgende dag. De Belgen hebben ons overtuigd dat die de moeite waard is. Het is in de namiddag, je gaat dan naar een grot waar miljoenen, zo niet miljarden, vleermuizen uit komen als het donker wordt waarbij roofvogels op ze gaan jagen. Moet indrukwekkend zijn en dan hebben ook nog wat te doen met Noahs verjaardag.

Noahs verjaardag!

De volgende dag is Noah dus jarig. Onze kleine kanjer alweer 4 jaar! Ik heb ballonnen op geblazen en daar is ie erg blij mee J Hij krijgt een kleurboekje met krijtjes, ook super! En ik heb een superman pakje voor hem gehaald. De Thaise kinderen hier lopen allemaal in van die synthetische pakjes van superhelden, Cars of Frozen. Dus dat vond ik wel grappig, maar ik had het al een beetje verwacht: Noah vindt dat eng en durft zo’n pakje niet aan. Ik denk dat hij nog niet zo goed het onderscheid kan maken tussen wat echt is en wat niet. Die wil die dus niet aan, als ie 5 is zegt ie. Dan trekt Olive het wel aan 😉

Ik probeer via Facebook te chatten met een taartenbakker in Pak Chong, maar haar Engels –en mijn Thais- is zo slecht dat we er niet echt uit komen. Dan maar op goed geluk naar Pak Chong in de hoop dat we ergens een leuk cafeetje zien. We vinden zelfs een taartenwinkel en kopen een mooi taart voor Noah met kaarsjes. Missie geslaagd. Daar had ik toch wel even stress van want als moeder zijnde wil je je kind wel een fijne verjaardag bezorgen. Ik althans wel. En omdat er ook al geen visite komt vind ik een taart toch wel het minste dat ik voor hem kan doen. Die hebben we dus!

Maar de ochtend verloopt wederom niet zo soepel. De kinderen zijn hangerig en het kost ons grote moeite om het gezellig te houden. Gelukkig hebben we met het taart eten en zingen wel een leuk moment. Noah zingt uit volle borst mee om voor zichzelf te zingen. Zo schattig J

De rest van de dag verloopt ook niet zo goed. We besluiten de tour voor de middag te cancelen. Noah en Olive zijn moe en wellicht ook niet helemaal fit. Dus ze gaan lekker een filmpje kijken. ’s Avonds gaan we wel heerlijk uiteten met ballonnen en al.

En we hebben de hele dag met familie en vrienden gebeld wat natuurlijk ook erg leuk voor hem is! Hopelijk heeft ie toch een beetje een leuke dag gehad voor zover hij het beseft en onthoudt.

 

Dat was het dan. Khao Yai. Uiteindelijk hebben we maar 1 dag iets gedaan en van het gebied gezien. Niet superveel maar het was mooi en spannend en het is goed om weer door te gaan.

We hebben treinkaartjes gekocht naar Ayutthaya. Een stad vlak boven Bangkok, de oude historische hoofdstad met veel tempels! Dan gaat ons tempel avontuur beginnen…

Bedankt weer voor het lezen. Laat nog even een reactie achter als je dat leuk vindt –ik wel- en tot de volgende keer!

XOXO

Foto's Khao Yai