Koh Phayam dus. Onze volgende bestemming.

De reis naar ons nieuwe paradijs

Via de schoonzoon van Paul, eigenaar van Heaven Beach resort, regelen we vervoer naar de pier van Ranong en de speedboat naar Koh Phayam.

Ondanks dat het een aardig stukje rijden, 4 uur ongeveer, verloopt de reis goed. Dan komen we bij de pier van Ranong waar de boten vertrekken. Dit is wel even een heel andere ‘pier’ dan we bij de andere eilandjes zagen. Geen grote lange pier met drukte en grote ferry’s. Hier is het niet meer dan een betonnen platform langs de mangrove en de uitlopers van de rivier. Het geeft ook al meteen aan dat er een stuk minder toerisme is en allemaal wat meer basic.

We stappen op de speedboat waar zo’n 20, hooguit 25 mensen passen, lifejackets aan en gaan. Het is een half uur met de boot. Ralf hoort mij tegen Noah zeggen ‘wat gaan we hard he’ en begint te lachen: ‘Denk je dat dit hard is, hij gaat straks in planée (hoe je dat schrijft?) over het water’. Verschrikt kijk ik hem aan… en daar gaan we al. Dat ding dendert keihard over het water. Aan het einde van de rit ben ik een beetje gewend aan de snelheid en de bewegingen die hij maakt. Gelukkig zijn we er. De kinderen vinden het trouwens hartstikke mooi, maar zijn ook moe.

Hello you nice and chill Koh Phayam!

Op Koh Phayam is het even uitvinden hoe het allemaal werkt. Dat is elke keer zo als we ergens komen trouwens. Zijn er taxi’s, bussen, wat is gebruikelijk en hoe komen we naar het resort?

Op Koh Phayam rijden geen auto’s en bussen, een enkele tractor daargelaten, alleen scooters. En dat is heel relaxt! Geen drukke grote wegen, enkel soort fietspaden en onverharde hobbelweggetjes. Dat geeft ook al meteen de sfeer en rust van het eiland weer. De taxi’s zijn ook scooters. Het is even overleggen, maar we krijgen 3 scootertaxi’s die ons 4en -2 achterop per scooter- en eentje voor onze grote tassen naar ons resort brengen. Dat is echt maar 5 minuutjes met de scooter. Het eilandje is ook maar iets van 5 bij 8 km groot, dus alles is dichtbij –wat niet zegt dat het allemaal makkelijk en snel te bereiken is vanwege de slechte maar ook wel leuke weggetjes-.

En dan komen we op Heaven Beach. Well, if heaven on earth excists this could be it! Het resort bestaat uit 8 bungalows direct aan het strand in een mooie baai met een rustige helderblauwe zee en elke avond een prachtige zonsondergang. Er is een restaurant bij met supergoed, vers en lekker eten. En het mooiste is: er is allemaal speelgoed voor de kinderen –fietsjes, glijbaantje, schepjes, emmertjes, diertjes, trampoline (!)- direct naast het restaurant en -omdat wij het tweede huisje hebben- bijna direct voor onze deur. Noah en Olive duiken direct op al het speelgoed en eigenen zich al vast een fietsje en een loopfietsje toe… oh oh 🙂 Maar wat is het fijn dat zij zich direct goed vermaken, dat zorgt voor ons ook voor heel wat rust.

We hebben 6 nachten hier geboekt, dus we kunnen hier weer goed tot rust komen 🙂 De bungalows zijn erg ruim. Noah en Olive hebben een eigen slaapkamer met stapelbed (OMG Noah heeft een stapelbed!), er is een halfopen badkamer met 2 wastafels en er is voldoende ruimte om te bewegen en te zitten in de bungalow en op de veranda. We betalen 3000 bath per nacht voor deze bungalow, dat is zo’n €80. Zonder ontbijt. Niet heel goedkoop dus, hopelijk gaan we dat weer compenseren...

Beetje bij beetje verkennen we het eiland. De eerste dag blijven lekker bij ons resort, op het strand en ontbijten, lunchen en dineren we in het restaurant. De volgende dag huren we een scooter en rijden we naar het ‘dorpje’ bij de pier. En zo ontdekken we elke dag een stukje van het eiland. Dat is nog wel even zien hoe het precies zit, want er is niet echt een centrum –behalve het stukje bij de pier, maar dat is niet een gezellig dorpshart of zo-.

En dat geldt voor het hele eiland eigenlijk. Er zijn plekken waar het wat drukker is, maar dan zijn er gewoon veel winkeltjes en eettentjes bij elkaar, allemaal aan de doorgaande weggetjes. Daar zijn dan wel wat mensen en toeristen, maar je loopt er niet even gezellig rond zeg maar. En ook langs het strand is er niet iets van een boulevard. Je loopt via een resort het strand op en dan loop je over het strand langs de restaurantjes en resorts (een resort is hier overigens geen groot, hoog, luxe appartementencomplex met zwembaden enz., maar het zijn wat gemoedelijke bungalows bij elkaar vaak met een restaurantje erbij).

Als we dat een beetje door beginnen te krijgen ontdekken we toch erg veel leuke stukjes op het eiland. Ieder strand heeft ook zijn eigen schoonheid en sfeer. Op ‘ons’ strand zien we aan het einde een houten bouwwerk dat op een schip lijkt. Niet wetende wat het precies is rijden we er naar toe om eens te kijken. Het is de Hippie Bar; een superleuke bar, helemaal gemaakt van oud –aangespoeld- hout en andere spullen uit de zee. Het lijkt net een aangespoeld scheepswrak. Overal zijn zithoekjes. Voor de kinderen natuurlijk ook superleuk om te spelen, niet helemaal ongevaarlijk, maar ze vermaken zich goed als kapitein en piraat.

Een andere dag wandelen we hier naar toe, ongeveer een half uurtje lopen denk ik, met onderweg wat zwempauzes en zoektochten naar diertjes tussen de stenen. De terugweg verloopt wat minder rooskleurig met 2 oververhitte en vermoeide kindjes 😉

Een ander klein strandje ligt helemaal in het noorden, alleen te bereiken via een off road zandweggetje dat op het eind ook nog flink stijl afloopt. Maar het lukt en het heeft ook wel iets avontuurlijks. Er is een barretje Monkey Bar, al weer net zo mooi gedecoreerd met oude spullen uit de zee, het water is rustig en helderblauw, er zijn wat toeristen die genieten van de rust en er is een mooie boom om in te klimmen, je kleren in te hangen en met een schommel –touw- er aan.

De sfeer op het eiland is goed, fijn, relaxt. Er is niet superveel te beleven, maar je kan er gewoon lekker niks doen, wat rond rijden, eten, zwemmen, massage, dat soort dingen. Op zaterdag avond is er ‘musica’ ergens in de middle of nowhere. Er zijn backpackers, families met jonge kinderen en pensionada’s, veel van deze toeristen uit Duitsland en Frankrijk (overigens in heel Thailand zo) en natuurlijk de locals. We hebben niet veel contact met anderen, hier en daar wat en in de loop van de week ook wel wat bij Heaven Beach, maar het is wel gemoedelijk.

Can we stay a little bit longer please?

We hebben 6 nachten geboekt, al snel bedenken we dat we nog wel wat langer willen blijven. Ralf zegt zelfs dat ie nooit meer naar huis wil…. Whaaa, de grapjas. Maar het geeft wel aan hoe fijn we het hier hebben. We besluiten nog 3 nachten bij te boeken en gaan weer lekker door met genieten.

Ik vind hier ook weer de rust om mijn yoga practice op te pakken. Elke ochtend ga ik er vroeg uit, voor het ontbijt, om met zonsopkomst op het strand mijn series te doen. Ik word elke dag uit mezelf steeds wat eerder wakker en zelfs nog voor Olive wakker is -6:30 en dat is mij in Nederland de afgelopen jaren echt niet gebeurd-. Maar wat voelt dat lekker zeg. Halverwege mijn oefeningen hoor ik de kinderen al en soms komen ze naar me toe gelopen, de schatjes.

Daarna ontbijten we met elkaar –eten wat nog steeds erg moeizaam bij ze gaat omdat ze de aandacht er niet bij kunnen houden en ons een hoop energie kost- en spelen ze met het speelgoed. Zo verlopen de ochtenden voornamelijk 🙂

Door ons uitstel van vertrek zijn we ook present bij hét festival van het jaar op Koh Phayam: het Cashewnut Festival. Yeah! Een soort 2 daags dorpsfeest met eetstalletjes van alle restaurants op het eiland, een grote loterij, een draaimolentje, muziek en een voetbaltoernooi.

Noah en Olive winnen een pakje drinken bij de loterij, een soort troostprijs, maar ze zijn blij J Ze vinden trouwens de strobalen het leukst om mee te spelen. Het zal wel vertrouwd voelen, want dat hebben ze op de Buitenhoeve ook 😉 Maar er zijn meer kindjes die het stro leuk vinden en zo spelen ze gezellig met/naast de kindjes van het eiland.

De draaimolen is trouwens een bijzonder ding. Met wat gaas en ijzerdraad zijn de houten beesten verpakt voor de ‘veiligheid’ en hangen ze aan het draaigedeelte. De draaimolen draad door een ventilator (haha) die boven op de draaimolen staat. Bijzonder creatief, maar het werkt wel. Meestal dan, want soms is er ook kortsluiting. Dan geeft een vader gewoon een zwiep aan de draaimolen en zijn de kindjes net zo blij. En het ding draait –in tegenstelling tot in Nederland waar je voor minstens €2,50 3 keer rond draait- voor 30 bath= €1 gewoon de hele tijd door. Wil je kind niet meer? Dan hoor je dat vanzelf door zijn/haar geroep, de draaimolen wordt wat tegengehouden en je tilt hem/haar er uit. Zo makkelijk gaat het dus.

Het Cashew Festival, niet super bijzonder, maar grappig om te zien. Cashewnoten worden trouwens verbouwd op Koh Phayam, vandaar de naam, en overal zitten dan ook cashewnoten in, erg lekker!

De stiefdochter van eigenaar Paul, Wan, organiseert een aantal middagen een creatieve activiteit met de kinderen. Ze spreekt goed Engels, heeft een zoontje net zo oud als Noah, heeft een creatieve studie gedaan, maakt sieraden en is vooral superlief. Zo maken Noah en Olive een ketting, verven we witte doeken en mijn t-shirt met Batik print en mogen ze op een groot doek verven. Superleuk voor ze om met elkaar te doen. Ook dit lijkt wel weer op de Buitenhoeve 😉 Aan het einde van ons verblijf krijg ik een tasje en oorbellen van Wan en Noah en Olive een armbandje <3

And a little longer again please!

Van 9 nachten maken wij er uiteindelijk 11. Langer kunnen we niet blijven want onze bungalow is al geboekt. Jammer, maar misschien ook wel goed, anders hadden we er wellicht nog gezeten 😉 Er zijn families die hier voor langere tijd verblijven, gewoon om een fijne plek te hebben en ondertussen ook te kunnen werken. Dus voor iedereen die een tijdje een digital nomad wil zijn, dit is echt een aanrader!

De laatste dagen ontdekken we het andere grote strand in het zuiden (zuid-west kust). Dit is een lang gestrekt strand heeft niet dat mooie zand met helderblauwe zee, maar dit strand heeft hoge golven waar gesurft kan worden. Noah en Olive vinden de golven hartstikke leuk en duiken er met kleren en al aan in –we hebben geen zwemkleren aan of mee, omdat we gewoon even aan het rondrijden zijn-.

Op het strand liggen allemaal hele kleine balletjes van zand die de ienieminie krabbetjes maken als ze een holletje graven. Het hele strand ligt er mee vol, miljoenen dus, en overal schieten krabbetjes weg. Het loopt heel lekker met je blote voeten over die zachte balletjes van zand.

Bij dit strand is wel de meeste bedrijvigheid van het eiland en ontdekken we toch nog een stukje waar je wat gezellig kan rondlopen.
De laatste avond gaan we hier eten, helemaal aan het uiteinde. In eerste instantie nemen we een verkeerde weg, maar dit is wel de mooiste van het hele eiland, dus die pikken we nog even mee. Ik had nog wel langer willen blijven om ook dit stukje nog wat meer te kunnen ervaren… We zien hier een prachtige zonsondergang en doen nog even een mislukte fotoshoot, die daarom eigenlijk juist heel leuk geworden is 🙂

Ondanks dat het een klein eilandje is, waar niet ontzettend veel te doen is, hebben wij ons hier ontzettend fijn vermaakt. Niet met hele spannende wilde avonturen, maar juist door lekker bij zee te zijn, de kinderen die lekker spelen wat ons ook wat rust geeft en niets te moeten.

Heaven Beach is door Wan, het lekkere eten, de gezinnen die er verblijven, het speelgoed voor de kids, de kleinschalige opzet, de prachtige bungalows direct aan het fijne strand en de mooie zonsondergang een super plek! Omdat we er wat langer zijn gebleven voelt het gemoedelijk, snel als thuis en een beetje als een familie.

Het is zeker de wens om nog eens terug te keren naar Koh Phayam. Ik weet niet of we ooit weer naar Thailand gaan, maar als we gaan dan zeker naar Koh Phayam en Heaven Beach!

Time to say goodbye 🙁

Enfin, na 1,5 week tijd om te gaan dus. We zitten inmiddels al bijna een maand in Thailand en dat betekent dus dat ons visum bijna verloopt. Er is een aantal manieren om dit op te lossen, want we willen nog langer in Thailand blijven. We kunnen een extention aanvragen bij het immigratie kantoor in Ranong. Dit is alleen erg prijzig, in totaal €200 met z’n 4en. Daarom kiezen wij er voor om een borderrun te doen.

Dat betekent even naar Myanmar en dan weer terug. We lezen er van over op fora en blogs, maar hoe het precies werkt zullen we zelf moeten uitvinden. Het zou in ieder geval goedkoper moeten zijn.

Door deze borderrun die ook wel wat uurtjes in beslag neemt, kunnen we niet meteen doorreizen naar Bangkok. We breken ons hoofd over hoe we dit kunnen gaan doen. Wat de beste optie is –efficient en zo goedkoop mogelijk-. Achteraf gezien hadden we gewoon met de nachtbus kunnen gaan, maar ik dacht dat geen veilige manier is, later hoor ik dat dat prima kan. We kijken naar bestemmingen als tussenstop, naar de nachttrein, taxi’s maar het is allemaal lang, met veel overstappen en/of duur.
Uiteindelijk besluiten we om op 1 dag van Koh Phayam naar Ranong te gaan en de borderrun te doen. In Ranong blijven slapen en de volgende dag van Ranong naar Bangkok te vliegen.

Over onze ervaring van de borderrun en het vervolg in Bangkok schrijf ik de volgende blog. Deze blog is inmiddels toch best lang geworden voor een eiland waar niet veel te doen is… 😉

Dus bedankt voor je aandacht. Voel je vrij om een reactie achter te laten, dat vinden wij leuk!

XOXO

p.s. wel heel veel rozengeur en maneschijn dit keer of niet..? Zo kijk ik er ook op terug en dit is wat is blijven hangen. Maar er blijven ook nog zat momenten met ruzietjes slaan, duwen en krabben (Noah), gehang en gejammer (Olive die moet slapen, maar niet wil) of momenten dat mijn lichaam nog zo vermoeid voelt dat ik maar weinig kan hebben. That's part of life and parenting, of we nou op reis zijn of niet. Maar dit verblijf was in geen gevallen te vergelijken met de sfeer in Khao Sok. Op dit moment niet voldoende noemenswaardig voor in de blog.

Foto's Koh Phayam

Waarschuwing... Er zitten weer van die hele vervelende -blehhh- perfecte plaatjes tussen, wil je die niet zien, dan niet op de link klikken...